pomelo

De pomelo is ontstaan uit een kruising tussen de grapefruit en de pompelmoes. De pomelo komt oorspronkelijk uit Thailand en Maleisië en heeft zich van daaruit verspreid over China, India en Iran.

Het is een grote peervormige citrusvrucht met een gladde, dikke witgele schil. De smaak is bitter, maar zoeter dan een gele grapefruit. Het witte vel onder de schil is bitter. 'Goliath' heeft geelkleurig sap, de 'Chandler' en 'Red Shaddock' hebben roodkleurig sap. Een zoetere soort van deze vrucht is de 'Honey Pomelo' uit China.

De vrucht wordt vers gegeten al dan niet met suiker of verwerkt tot een gelie of in een nagerecht. De schil kan eventueel wel gekonfijt worden. 

Omdat pomelo's gevoelig zijn voor lage-temperatuurbederf en kunnen uitdrogen, moeten ze goed geventileerd en buiten de koelkast bewaard worden. Als de schil van de vrucht nog glanzend is, betekent dit dat de vrucht nog niet helemaal rijp is. Wanneer de schil dof begint te worden, is de pomelo klaar om gegeten te worden.

Recepten