harder

Eigenschappen

Harders komen voor in alle wereldzeeën voor, zowel in de tropische als gematigde klimaatgebieden. Ze verblijven voornamelijk voor in kustwater, ook in brak water, sommige soorten in zoet water.

Ze hebben twee rugvinnen, één rugvin met meestal 4 stekels en een tweede vin met vinstralen en een buikvin met 5 vinstralen. De zijlijn nauwelijks zichtbaar (indien aanwezig). Harders worden hoogstens 90 cm lang. Ze verplaatsen zich in scholen en voeden zich met kleine wieren en algen die op stenen en palen groeien 

Ze 'grazen' de algen met hun borstelvormige tandjes af, waarbij ook veel dierlijke organismen gegeten worden. Grote harders eten ook schelpdieren.

De harder is een zomervis die begin mei tot eind september/ begin oktober in onze kustwateren aanwezig is.

Recepten