mandarijn

Eigenschappen

Een mandarijn is een citrusvrucht van de mandarijnboom, die uit China afkomstig is. Er bestaan veel soorten mandarijnen. Grofweg kun je ze indelen in vier typen: de gewone mandarijn, de mediterrane mandarijn, de satsuma en de kingmandarijn. De kleur varieert van groengeel tot diep oranje.

Vanwege de zoete smaak en de losse schil vallen mandarijnen bij kinderen goed in de smaak. In de aanloop naar Sinterklaas kan je er niet naast kijken. De winkels liggen vol, de fruitmanden kleuren oranje en elke brooddoos bevat wel één of twee exemplaren. De zoete hap is erg populair bij jong en oud.

Je kunt mandarijnen lang bewaren: wel tot 10 dagen, op een koele plek. Aanvoerlanden zijn onder andere Spanje en Marokko. Tegenwoordig zijn er vele soorten zonder pit te koop bijvoorbeeld de Clementina (zoet van smaak) of de Satsuma (licht zuur van smaak). 

Een mandarijn moet stevig zijn, mag geen plekken hebben en heeft liefst een egale oranje of gele kleur. Groene mandarijnen zijn nog niet rijp, maar ze kunnen narijpen op koude temperaturen. Het is zelfs zo dat mandarijnen enkel verkleuren door de invloed van erg koude temperaturen.

Recepten