kreeft

Eigenschappen

Kreeft is een algemene aanduiding voor verschillende soorten kreeftachtigen die gebruikt worden als voedsel. In sommige streken als Scandinavië en landen rond de Middellandse Zee zijn zeevruchten als kreeften populair en worden veel gegeten. In veel landen is het echter een specialiteit die vaak gegeten wordt in restaurants. Kreeft wordt beschouwd als delicatesse en is in Europa relatief duur.

De Europese kreeft kan 4 kilo zwaar en meer dan een halve meter lang worden. Deze soort wordt beschouwd als een van de smakelijkste, maar de kreeft is ook zeldzamer en daardoor zeer gewild en peperduur. De in Europa meest ingevoerde kreeft is de Amerikaanse kreeft, die ongeveer even groot wordt als de Europese kreeft. Van beide soorten zijn overigens veel zwaardere exemplaren bekend van meer dan een meter lang maar dat betreft zeldzame uitschieters.

Het grote voordeel van kreeften is dat ze een tijd in leven te houden zijn.  Kreeft wordt vrijwel altijd gekookt, ook als men het vlees later op een andere manier wil bereiden. Kreeften worden, meestal nadat ze gekookt zijn, ook gegrild, gebakken, gefrituurd of gestoomd. De kooktijd hangt sterk af van het gewicht van de kreeft, ongeveer een derde van het totale gewicht is eetbaar. Kreeft kan direct en ongepeld uit de kookpan worden geserveerd. Het lekkerste vlees bevindt zich in de scharen en in de staart. Kreeftenvlees is zeer mager en fijn van smaak.

De Europese kreeft of Homarus gammarus is op zijn best tussen april en juni. Ongekookte Europese zeekreeften zijn zwart. De smakelijkste exemplaren worden gevangen voor de Bretoense kust. De Oosterscheldekreeft is ook een zeldzame delicatesse. Hun Amerikaanse neven (Hommarus americanus) zien er ongekookt groen uit. Die zijn op hun best tussen april en december en worden per vliegtuig ingevoerd uit Canada en de V.S.

 

Recepten